homepage > teksten > 2e dagopening

e-mail Ad

de schepselen

2e dagopening

De tweede stap op Stufkens' zevenvoudige pad is:

Ik zie alle schepselen als mijn broeders en zusters
en ik draag ze zoals ikzelf gedragen zou willen worden.

De essentie van deze stap is voor mij dat ik naast, binnen, in de gehele kosmos verkeer. Ik en alles om me heen zijn wezenlijk bestanddeel van de kosmos. De kosmos is voor mij één voortstuwende, één voortscheppende Kracht, het Grote Zijn. Alles maakt deel uit van dat Zijn, met een hoofdletter. Dàt Zijn is voor mij de Allerhoogste, God wanneer je het zo noemen wilt. Al wat is, is goddelijk.

Melkweg

Franciscus zag in alles de afspiegeling van de Allerhoogste, de hand van God. Dit is wat anders dan in de ander God zien. Hij zag het andere als manifestatie van de Allerhoogste, wat ik Het Grote Zijn noem. Naast de gedachte dat alles met alles samenhangt, houdt dit ook een verbondenheid in van mij met alles wat leeft en is. Die verbondenheid vraagt respekt voor al het andere. Respekt voor mijn medemens. Respekt voor het aaibare, zoals een paard, een poes, een koalabeertje. Maar ook respekt voor de worm, de spin, de brandnetel en de distel.

Franciscus zag alle schepselen als zijn broeder en zuster, als nevengeschikt. Niettemin is er sprake van enige hiërarchie, want de mens als zelfdenkend wezen heeft de mogelijkheid over alles te beschikken. De vraag is hoe wij hier mee om gaan. Alles verdient het om lief gehad te worden. Wij mensen als wezens die beslissingen kunnen nemen, spelen daarin een zeer belangrijke rol.

Bij het respekteren en liefhebben van alles wat is begint voor mij ook de mystieke ervaring. We zijn geneigd de mystieke ervaring te zien als behorend bij de grote mystici der aarde. Hun ervaringen zijn de ultieme mystieke ervaringen. Maar er zijn ook mystieke ervaringen die beginnen bij het respekt, de liefde, de verwondering en bewondering van de meest voor de hand liggende zaken: een bloem, een steen, een berg, de lach van een kind, muziek, het huilen van ontroering. Daar begint de mystiek voor mij en ik hoop dieper en verder te komen, al zal ik nooit die mystieke ervaring hebben zoals onder anderen Franciscus of Theresia die hadden.

Franciscus' Zonnelied te lezen, te zingen, er over mediteren kan een geweldig hulpmiddel zijn om te komen tot eenvoudige mystieke ervaringen. Die tekst lees ik daarom nu voor.

Fragment uit Vincent van Gogh: Zaaier met ondergaande zon

Allerhoogste, almachtige, goede Heer,
van U zijn de lof, de roem, de eer en alle zegening.
U alleen, Allerhoogste, komen zij toe
en geen mens is waardig U te noemen.

Geloofd zijt Gij, mijn Heer, met al uw schepselen,
vooral heer broeder zon, die de dag is,
en door wie Gij ons verlicht.
En hij is mooi en stralend met grote luister.
Van U, Allerhoogste, draagt hij het zinnebeeld.

Geloofd zijt Gij, mijn Heer, door zuster maan
en sterren. Aan de hemel hebt Gij ze gemaakt,
schitterend, kostbaar, mooi.

Geloofd zijt Gij, mijn Heer, door broeder wind
en door de lucht en door bewolkt en helder
en ieder weer,
waardoor Gij uw schepselen in leven houdt.

Geloofd zijt Gij, mijn Heer, door zuster water,
die heel nuttig is en nederig en kostbaar en kuis.

Geloofd zijt Gij, mijn Heer, door broeder vuur,
door wie Gij voor ons de nacht verlicht.
En hij is mooi en vrolijk en stoer en sterk.

Geloofd zijt Gij, mijn Heer,
door zuster aarde, onze moeder
die ons in leven houdt en leidt
en allerlei gewassen met kleurige bloemen
en kruiden voortbrengt.

Geloofd zijt Gij, mijn Heer,
door hen die vergiffenis schenken
door uw liefde, en ziekte en verdrukking dragen.
Gelukkig zij, die dat zullen dragen in vrede,
want door U, Allerhoogste,
zullen zij worden gekroond

Geloofd zijt Gij, mijn Heer,
door onze zuster de lichamelijke dood,
waaraan geen levend mens ontsnappen kan.
Wee met hen die sterven in doodzonde.
Gelukkig wie zij aantreft in zijn allerheiligste wil,
want de tweede dood zal hen geen kwaad doen.

Looft en zegent mijn Heer
en dankt en dient hem met grote nederigheid.



Ad van den Hoogen

homepage > teksten > 2e dagopening

e-mail